Gepimpte heide

Een bos voor de economie. Een gepimpte heide. Geplande rijen en bepaalde structuren. Niks is onbedoeld, geen boom lijkt ongepland. Een geplande baby uit de crisisjaren. We leven in een tijd waarin de plattegrond niet wordt ontdekt, slechts uitgetekend. Nieuwe kaarten worden niet in kaart gebracht. De plattegrond van dit bos, bestond voordat een boom zich kon wortelen. We laten niks ontstaan, we plannen het. Maar wat als nog niet alles ontstaan is?
Slingerpad 1IMG_0694 (1)

Posted in Ode aan het bos, Stukjes | Leave a comment

Kijken helpt weleens

Langer kijken dan drie seconden helpt weleens. Want waarom zit er in deze tak een bijna haakse hoek? Is hij doorgegaan na een geknakte tegenslag? Of heeft er iets boven hem gehangen en had hij geen andere uitweg dan het horizontale pad te bewandelen? Als hij een geknakte tegenslag te verwerken heeft gehad, dan ben ik erg trots op dit groeilustige stuk natuur. Een tegenslag van pak en beet 90 graden is niet niks.
Kijken helpt weleens

Posted in Ode aan het bos, Stukjes | Leave a comment

Applaus

Applaus van de takken. Een staande ovatie door de wind. Takken slaan tegen elkaar. Een bos aan publiek. Een publiek dat nooit zit, maar altijd staat. Ze applaudisseren. Krakend, vermoeid, maar ze hebben geen keus. Iedere windvlaag opnieuw. Als het eind van een slechte musical. Ze klappen, maar of het applaus is?
Publiek

Posted in Ode aan het bos, Stukjes | Leave a comment

De droevige man

Voor wie hem niet herkent: Hij kijkt naar links. Zijn kruin is de knoest. Zijn haar verwilderd en zijn neusje is een soort puntje omlaag. Oud en droevig, als geschilderd in de nerven van de boom. Een treurig gezicht is een van de gezichten van het bos. Het bos is een van de fijnste plekken, want je fantasie krijgt vorm. In een woonwijk is er geen ruimte voor schetsen. Het bos is een vrije interpretatie van lijnen en groen. Van een afstand zag ik hem in de boom. Hij keek droevig. Een knoest als kruin. Ogen toegeknepen tot spleetjes. Mondhoeken zoals een droevige emoticon. Zou ik de eerste en enige zijn die hem ziet?

Voor wie hem niet herkent: Hij kijkt naar links. Zijn kruin is de knoest. Zijn haar verwilderd en zijn neusje is een soort puntje omlaag.

Voor wie hem niet herkent: Hij kijkt naar links. Zijn kruin is de knoest. Zijn haar verwilderd en zijn neusje is een soort puntje omlaag.

Posted in Ode aan het bos, Stukjes | Leave a comment

Hutjemutje

‘Ik ben geen varkentje,’ zegt het meisje tegen haar vriendin. Ze staan allebei tegen elkaar, zoals iedereen tegen elkaar staat. De bus is druk, te druk. Het regent en de herfst begint kleur te krijgen. Ik houd me vast terwijl de bus met al haar inzittende speelt. Van links, naar rechts. Remmen, optrekken. Buschauffeurs lijken het lekker te vinden om even lekker op te trekken, voordat ze in de remmen moeten voor een halte.

“Utrecht Centraal Station.” Een wedstrijd van uitchecken breekt los, terwijl een oma voorzichtig het afstapje afstapt. Forenzen snellen naar de roltrap. Een gezwel dat steeds groter wordt ontstaat bij de onderkant van de roltrap. Ik twijfel. De trap is vrij, praktisch leeg. Het is half 6 en de betonnen treden worden nauwelijks betreden. Verveeld staart iedereen net langs elkaar heen, terwijl de motor van de roltrap langzaam voortploetert. Hutjemutje op de roltrap, we hebben het al zo zwaar.

Posted in Stukjes | Tagged , , , , , , , | Leave a comment

Slapende zee

Licht blauw, zo helder dat de zoutmineralen zichtbaar lijken. In de verte lampjes, schepen, mensen, levens en gedachten. Verpakt in een lamp. Het water is helder, maar ik zie geen vis. Wat zouden de vissen doen waar ik vanmiddag tussen zwom? Slapen? Maar hoe? Altijd op je hoede moeten zijn voor grotere vis. Ik schrik. Een stelletje loopt achter me door, uit de marginale disco, langs de Middellandse zee naar een appartement. Een Policia bus is me al een paar keer tegengekomen op het terrein. Zouden ze het gek vinden dat ik hier wandel met mijn oortjes? Twee meisjes proberen vanuit de rotsen het pad op te klimmen. Ze lachen elkaar uit om misstap, overstemmen mijn muziek. Ik druk op de knop aan mijn oortjes. Het gelach, de marginale disco in de verte. De wind maant water tegen de rotsen, geklots en gespat. Een meisje ligt languit over een rots, de ander giert. Ik schijn mijn lampje, zodat ze kunnen zien waar ze lopen. ‘Thank you, gentlemen.’ Ik glimlach.

Gekke Kroatische muziek, geflits boven het water. Het haalt de magie uit de zee. Katy Perry ‘wants to drive away’, verneem ik uit de disco. Hoe zal het met de visjes gaan?

Posted in Stukjes | Tagged , , , , , | Leave a comment

Where’d You Go

Herinneringen zijn geen oplossing. Maar nu ik hier sta, kijkend naar de ondergaande zon die een oranje deken legt over de wereld. De wereld die mooier wordt in dit oranje licht, de wereld die eigenlijk weinig veranderd.Ik was twaalf en ik hing voorover over mijn BMX’je. Om mijn nek hing een grijs touw, met daaraan twee oortjes die eigenlijk iets te groot waren om comfortabel in m’n oor te zitten. Als een hanger hing mijn 128 MB mp3-speler aan het grijze draadje. Het was 2006 en ik had zo’n dertig nummers op de muziekspeler. Het was vakantie en ik zou naar de middelbare gaan. Where’d You Go van Fort Minor speelde hun hitje. Eén van de dertig nummers. Ik wist zeker dat ik het jaar erop de tekst beter zou begrijpen, dan was ik een middelbare scholier.

Op een of andere manier doet deze oranje gloed me denken aan dat moment in de zomer van 2006. Ik pak mijn iPhone, maar het nummer van Fort Minor staat niet in een van mijn afspeellijsten. Youtube streamt het nummer voor me. Zonder haperen, perfect 3G netwerk. Ik studeer en sta ver weg van de plek waar ik droomde al die Engelse teksten volledig te kunnen begrijpen. Ik begrijp de tekst. De stappen die ik tussen deze twee zonsondergangen heb gezet, zijn zichtbaar in het oranje licht.

Posted in Stukjes | Leave a comment

Toernooi tegen de tijd

De schelle ochtendzon trekt het donker uit de nacht. Tien minuten wachten op een tram voelt zo kort. Ik ben weer omringd door mensen, nuchtere mensen. Iedere ochtend lijkt het alsof de tijd heeft stilgestaan, stil sinds de laatste ochtend die je beleefde. De schelle ochtendzon verandert nooit, de koele bries is permanent. Mensen zwijgen en auto’s lijken geen geluid te maken. De treinreis van 25 minuten van Den Bosch naar Utrecht maakte het verschil tussen dag en nacht. De koude nacht in Den Bosch, op weg naar de schelle ochtend.

Vijfenhalf uur geleden zat ik gefrustreerd op de trap in Den Bosch, terwijl ik mijn lenzen uitdeed. Ik wist dat het een lange nacht ging worden. De NS is klaar met werken, maar ik was nog niet uitgereisd. Den Bosch en ik waren op elkaar aangewezen. In mijn jackje en t-shirt voelde de stad kouder dan verwacht. Uren werden afstanden die ik moest uitlopen. De kou een obstakel en de eerste trein mijn finish.

Zometeen sta ik onder een douche. Water inplaats van slaap. Hallo nieuwe dag, een verlengde van gisteren. Mijn volgende finishlijn is de avond. Dan is het toernooi tegen de tijd voorbij.

Posted in Stukjes | Leave a comment

IJzeren liefdeshekken

Een ijzeren hek scheidt mij van een hoop takken. Takken die door zwanen zorgvuldig zijn neergelegd aan de oever van een watertje. Een groot ei pronkt in het midden van de zorgvuldig geplaatste takken. Als een museumstuk aan het water, een crimescene op klaarlichte dag. Een witte zwaan houdt me in de gaten terwijl ik haar kunstwerk bekijk.

Een stukje verderop, op het pad staat de minnaar van de witte zwaan mij op te wachten. Geïntimideerd door twee vogels, omdat ik naar hun liefdesei kijk. Je zou ze maar tegenkomen in een donker steegje, broedend op een ei. Voor mij waren zwanen altijd de uitsmijters van de vijver. Gefrustreerde grote vogels, die eigenlijk heel graag een potje willen matten. Maar nu waren ze aandoenlijk, de kille ijzeren hekken lieten zien waar ze het allemaal voor doen, het alphavogeltje uithangen. Voor hun kroost.

Posted in Stukjes | Leave a comment

Potjes

Had ik maar een kast met potjes. Potjes gevuld met alles wat een mens kan missen. Alles waar mensen zich aan vastklampen, wanneer ze bang zijn het te verliezen. Alles wat je pas leert waarderen als het ver weg in een potje in de kast staat. Het laatste stukje op Letterleven werd geschreven op mijn verjaardag. Meer dan twee maanden. Schandalig. Op mijn nieuwe iPhone is geen enkel mapje met Letterleven te bekennen en dat terwijl mijn Blackberry mijn kladblokje was, waarin ik bij gebrek aan vrienden, stukjes uittikte om interessant over te komen. Toen alles wat mijn netvlies passeerde door een Letterleven filter ging. Toen ik meer dan twee uur in mijn hoofd bezig was met een oma die abnormaal hard door een bocht ging met haar auto. Toen ik mijn vrienden vaak uitdrukte met de eerste letters van hun naam.

Was er maar een potje met Letterleven. De filter op mijn netvlies, de uren dat ik bezig kon zijn met niets meer dan niets. En zo zijn er nog duizend dingen die ik enorm graag in een potje wil doen, om het bij me te hebben. Mijn kast die zich vastklampt aan de vervlogen dingen in de potjes. Om de dingen die je mist bij je te houden. Je mist meer dan dat er is.

Posted in Stukjes | 2 Comments